Werkwijze

  1. Neem 300 g linzen en laat deze 2 uur in water weken. Snijd 2 sjalotjes en 2 teentjes knoflook fijn. Zet de sjalot en knoflook aan in wat olijfolie en blus daarna af met 100 ml balsamicoazijn.

  2. Voeg de uitgelekte linzen, 1 el fijngesneden tijm en 200 ml visbouillon toe en laat dit zachtjes afgedekt koken tot alle vocht is opgenomen. Maak op smaak met zout en peper. Roer tot slot wat boter en 2 el fijngesneden peterselie door het linzenmengsel.

  3. Snijd voor het balsamicoschuim 2 sjalotjes fijn en zet deze aan in wat olijfolie. Blus af met 100 ml witte balsamicoazijn. Voeg 200 ml visbouillon toe en laat dit geheel tot de helft inkoken. Zeef het vocht en voeg 125 g crème fraîche en 50 ml room toe. Laat dit wat inkoken en maak op smaak met zout en peper. Schuim deze voor gebruik op.

  4. Rasp met een sambaltrekker draden van een grote aardappelen en bak deze in een flinke bodem olijfolie goudbruin.

  5. Proportioneer 4 stukken kabeljauw en bestrooi deze met wat tarwebloem. Verhit olijfolie met daarin 1 takje rozemarijn, 3 takjes tijm en 2 gekneusde teentjes knoflook.

  6. Bak de vis op een zijde tot deze voor 2/3 gaar is. Keer deze dan om ook de andere kant te garen. Bestrooi met zout en peper. Serveer de vis op de balsamicolinzen en garneer met de gefrituurde aardappel en balsamicoschuim.